|
|
 |
|
 |

|
|
|
|
Nee, geen laffe filetjes meer, wij nemen ze af van kop tot staart (én met graat, hart en zaad). Vis is cool. Vis is goed. En vis is wild. Zeker sinds we omega-3, -6 en verder ontdekten, ligt hij steeds vaker op ons bord. Hoewel... het rommelt in de visvijver: onze groeiende visconsumptie zou niet alleen de visstand bedreigen, ook onze eigen gezondheid. Vis slaat namelijk dioxine, (methyl)kwik en ander vuil dat wij in zee dumpen dankbaar in zijn omega-3 vet op!
De discussie laait dan ook hoog op over de vraag of vis nu 'goed' of 'fout' is - en dan niet alleen in duurzaamheidszin. Om op dat laatste in te haken: eenderde van 's werelds oceanen schijnt een 20 jaar durende visstop nodig hebben om weer op vispeil te komen.
Volgens voedingsvoorlichters wegen de voordelen van omega-3 nog altijd op tegen de nadelen van kwik en dioxines. Volgens alternatieve bronnen is dit pure voorlichterslariekoek. Tweemaal per week lijkt vooralsnog binnen de gifgrens te vallen en toch het omega-3-voordeel op te leveren. Hoewel uit de meest recente onderzoeken blijkt dat in ieder geval het geheugen, in tegenstelling tot eerdere berichten, niet is geholpen met vette vis. Doen we tweemaal sweeks vette vis, dan enkel die visjes die 'mogen' volgens de door de overheid opgestelde 'groene vislijst' die overigens niet in het voordeel van kweekvis uitvalt. Immers, aan kweken zitten ook klimaathaken en milieuogen. Bepaalde kweekvarianten, zoals de zeebaars, schijnen weliswaar zelfs beter te smaken dan hun wilde evenknie, de voordelen van kweken wegen lang niet altijd op tegen de enorme nadelen.
Het is dus soms een beetje door de mazen van het net vissen. Volgens de consumentenbond zitten we het best met haring, mosselen en Alaska koolvis als meest duurzame vissen, terwijl blauwvintonijn (vers) en palingfilet (kweek) het minst duurzaam zijn. Vette vissen zijn meer afgeladen met gif dan niet-vette en die uit de Noordzee en het Middellandsezeegebied zijn het meest vervuild.
De eigenlijk heel on-Hollandse Fruits de mer - zeebanket in goed Nederlands en strict genomen helemaal geen vis - beslaat een aparte categorie binnen de modevisjes. Zoveel overdaad aan zeeluxe waren wij calvinisten namelijk tot voor kort niet gewend. Vooral omdat tot nog toe aan het eind van elke beschaving as we know them een explosieve stijging van de oesterconsumptie vooraf schijnt te zijn gegaan. Zo ging het Romeinse rijk weliswaar mogelijk ten onder aan loodvergiftiging dankzij de loodhoudende wijnflessen, maar de overmatige wijnconsumptie ging vooral ook gepaard met een excessieve oesterinname. De laatste jaren stijgt ook in Nederland de oesterconsumptie in een rap tempo, vooral op het immens populair geworden plateau fruits de mer. We hadden de credit crunch dus allang kunnen zien aankomen!
(foto: Japanse oesters van de Wadden, Waddengoud)
Top 3 modevisjes:
1. Barramundi: Nog niet beoordeeld op de Nederlandse goedevislijst, deze lates calcarifer, oftewel reuzenbaars met mild smakend, fijn wit vlees. Maar nu er twee kwekerijen (in Groningen en Urk) zijn die zich specialiseren in deze vooral in Thailand, Zuidelijk Japan en Noordelijk Australië graag gegeten baars, zal dat hiaat snel zijn opgevuld.
2. Schots zeevee: Net als in wijn, koffie, thee en nog veel meer, wordt in vis de afkomst steeds belangrijker. Schotse vissen en zeevruchten staan hoog aangeschreven vanwege smaak, kwaliteit en visvriendelijkheid.
3. Nose-to-tail: Wat begon met runderen, varkens en wild slaat nu ook over op vis. Letterlijk eten we ze van kop tot staart, dus inclusief ogen, zaad en hart, zoals dé nose-to-tail chef Chris Cosentino uit San Francisco ons voordoet.
Meer modevisjestrend onder de knop 'food & wine lingo'.



|
|
 |

Koop nu en grijp nooit meer naast de foodtrends!

Lees hier over
de eerste editie in Het Parool!
|